365 introduceert 365College

Vanuit onze cliënten ontvangen wij steeds vaker de vraag om een stukje extra ondersteuning als het gaat om het werken met Exact Online, het efficiënt runnen van de organisatie en het snel op touw zetten van een soort van targetsysteem binnen de eigen organisatie.

Om aan deze behoefte te voldoen introduceren wij met ingang van 1 maart a.s. het 365College. Een eigen educatieprogramma waarbij wij u en uw medewerkers op een prettige en snelle manier trainen in het werken met Exact Online, efficiënt samenwerken en doelgericht uw bedrijfsprocessen sturen.

De komende weken zullen wij u via deze website voorzien van het volledige programma, de kosten en de mogelijkheden van deze dienstverlening.

Wilt u op de hoogte blijven van deze ontwikkeling of heeft u vragen? Vul dan ons contactformulier in.

Ondernemerstips 2016 / 2017: Auto

De autobelastingen veranderen in 2017 ingrijpend. Deze wijzigingen vloeien voort uit de eerder dit jaar aangenomen Wet uitwerking Autobrief II. Ook op úw autokeuze kunnen zij een grote impact hebben. Waar kunt u nu alvast op inspelen om te voorkomen dat u straks teveel betaalt?

Wijzigingen autobelastingen in 2017

Van 2017 tot en met 2020 worden de CO2-normen voor de BPM-tariefschijven jaarlijks verder aangescherpt. Vooralsnog heeft dit relatief weinig invloed op de prijs van kleine, zeer zuinige auto’s. Veel grotere, in verhouding minder zuinige auto’s, worden door deze maatregel wel beduidend duurder.

De wegenbelasting (MRB) voor alle personenauto’s gaat in 2017 met 2% omlaag. Plug-in hybrides blijven tot en met 2020 nog profiteren van het MRB-halftarief. Wel vervalt vanaf 2017 voor deze auto’s de nu nog geldende aftrek van 125kg bij de bepaling van hun gewichtsklasse voor de MRB. 

Daarnaast blijven volledig elektrische auto’s tot en met 2020 vrij van BPM én MRB. Eigenaren van deze auto’s profiteren tot die tijd bovendien van een lagere energiebelasting als zij gebruik maken van openbare laadpalen.

Vervang uw zakenauto nog dit jaar

Bent u van plan om binnenkort een nieuwe auto (van de zaak) uit te zoeken? Houd dan zeker ook rekening met de nieuwe regels voor de fiscale bijtelling. Hoe zit het ook alweer? De gunstige bijtellingspercentages van 15% en 21% verdwijnen per 1 januari 2017. Vanaf dat moment zijn er voor nieuwe auto’s nog maar twee bijtellingscategorieën: een standaardtarief van 22% en een 4%-tarief voor auto’s zonder directe CO2-uitstoot (0 g/km). 

In 2017 overstappen naar een nieuwe auto van de zaak kan uw maandlasten dus fors doen stijgen. Het kan voor u financieel aantrekkelijk zijn om uw huidige zakenauto nog dit jaar te laten vervangen, zodat voor u nog tot 60 maanden lang de voordelige bijtellingsregels uit 2016 blijven gelden.

Valt de auto van uw keuze in 2016 nog in de hoge 25%-categorie? Gaat u dan vooraf na of het voordeliger is de eerste tenaamstelling uit te stellen tot in 2017. In dat geval valt de auto namelijk in de nieuwe 22%-categorie. Hoewel de BPM tarieven voor met name grotere en minder zuinige auto’s vanaf 2017 iets stijgen, zult u het hogere BPM-bedrag in veel gevallen al snel terugverdienen door de lagere bijtelling.

Overgangsregeling

Valt uw huidige auto op dit moment in een gunstige bijtellingscategorie? Dan geldt een overgangsregeling waardoor u tot 60 maanden lang van die lagere bijtelling profiteert. Heeft uw auto echter een eerste tenaamstelling in 2016 of eerder, en valt deze nu onder het 25%-tarief? Dan zakt uw bijtelling in 2017 niet naar 22% en blijft voor u het hoge tarief ook vanaf 2017 gelden. 

BTW op oninbare vorderingen

Loopt u btw mis omdat uw afnemer de rekening niet heeft betaald? Vanaf 1 januari 2017 kunt u de BTW op deze oninbare vordering eenvoudiger terugvragen via de btw-aangifte. Dit kan zodra de factuur één jaar nadat het bedrag opeisbaar is geworden, nog niet is betaald.

Het komt regelmatig voor dat een afnemer een rekening niet kan of wil betalen. U als ondernemer hebt de btw die op de factuur staat wel al betaald aan de Belastingdienst. Op dit moment moet u deze afgedragen btw terugvragen door middel van een afzonderlijk teruggaafverzoek. In de praktijk is deze procedure ingewikkeld en tijdrovend en bovendien moet u aannemelijk maken dat uw afnemer niet heeft betaald en ook niet meer zal betalen. Lastig! Vanaf 1 januari 2017 wordt deze procedure sterk vereenvoudigd. Er komt een vast tijstip van oninbaarheid en u kunt de btw gewoon terugvragen door deze te verwerken in uw reguliere aangifte.

Tijdstip oninbaarheid
Een vordering wordt verondersteld in ieder geval oninbaar te zijn indien zij een jaar nadat zij opeisbaar is geworden nog niet aan u is betaald. Als echter op een eerder moment al duidelijk wordt dat er geen betaling zal volgen, ontstaat al op dat eerdere moment een recht op teruggaaf. U kunt dan de btw ook eerder terugvragen.

Verwerking in de btw-aangifte
Vanaf 1 januari 2017 is ook een afzonderlijk teruggaafverzoek niet meer nodig. U vult de oninbare btw gewoon in op uw reguliere btw-aangifte. Ontvangt u het factuurbedrag later (deels) alsnog, dan moet u de btw daarover natuurlijk weer gewoon op uw aangifte vermelden en afdragen.

Schuldig gebleven btw
Afnemers brengen de aan hen gefactureerde btw in aftrek in de aangifteperiode waarin zij de factuur ontvangen. Ook als zij de schuld (nog) niet betalen. Als deze schuld – ten minste na één jaar – nog niet is betaald en als oninbaar wordt bestempeld, moet de niet-betalende afnemer die btw aangeven en terugbetalen. Betaalt hij alsnog, dan kan hij de btw natuurlijk weer terugvragen. Dit alles ook via de reguliere btw-aangifte.

Dit moet je weten over elektronisch factureren aan de overheid

E-factureren is de toekomst: het is sneller, gemakkelijker, nauwkeuriger en scheelt ondernemers en overheden administratie én kosten. De Rijksoverheid is daarom per 1 januari 2017 overgestapt op e-factureren. Vanaf nu zijn leveranciers van de Rijksoverheid verplicht om bij nieuwe inkoopovereenkomsten een e-factuur aan te leveren.

 Waarom deze verplichtstelling?

Ieder jaar versturen bedrijven binnen Nederland miljoenen facturen per post of als pdf via e-mail naar de (Rijks)overheid. De handmatige verwerking daarvan kost veel tijd en geld voor bedrijven en overheden. Elektronisch factureren (e-factureren) is de toekomst met voordelen voor zowel factuurverzenders als -ontvangers. De Rijksoverheid stelt e-factureren verplicht in de inkoopvoorwaarden bij nieuwe overeenkomsten met leveranciers per 1 januari 2017. Deze verplichting is in samenwerking met het bedrijfsleven opgesteld. Leveranciers die reeds vóór 1 januari 2017 een overeenkomst zijn aangegaan vallen niet onder de verplichting. Zij kunnen vrijwillig overstappen op e-factureren in overleg met hun opdrachtgever.

Wat verstaat de Rijksoverheid onder een e-factuur?

Een e-factuur is een gestructureerd digitaal bestand (geen pdf) waarbij de vereiste gegevens altijd op een vaste plek met specifieke codering in het bestand staan. Een e-factuur kan vanuit het ene geautomatiseerde systeem elektronisch worden aangemaakt en automatisch worden verwerkt in het andere systeem.

Een e-factuur naar de overheid versturen

Je kunt op de volgende drie manieren een e-factuur naar de Rijksoverheid sturen:

  • Vanuit Digipoort
  • Via het leveranciersportaal van de Rijksoverheid
  • Via Simplerinvoicing vanuit eigen boekhoudsoftware

Succesvol blijven? Bied je product als dienst aan.

 Ben ik over 3 jaar nog succesvol? Vraag het je af en grote kans dat je een enorme hoofdpijn voelt opkomen. Wat doe je: steek je je kop in het zand of zoek je een oplossing? Uit de Exact MKB Barometer 2016 blijkt dat de topprioriteiten van ondernemers liggen bij de onderwerpen: meer klanten vinden, huidige producten en diensten verbeteren en kostenvermindering. Wist je dat je een groot deel van die prioriteiten kunt oplossen als je je producten als dienst gaat aanbieden?

Consument wordt veeleisender

In 2017 zal de veeleisendheid van consumenten alleen maar toenemen. Ze willen sneller antwoord hebben op hun vragen, zullen nog vaker van product wisselen en geven makkelijk hun mening op fora en social media. Hoe kan je hier goed mee omgaan? Producten aanbieden als dienst is een goede manier om in te kunnen spelen op snel wijzigende wensen van consumenten en ondernemers. Denk aan het privé leasen van een auto, inclusief verzekeringen, pechhulp en onderhoud. Of een abonnement op contactlenzen waarbij ook vloeistoffen, controles en aanverwante diensten zijn inbegrepen. De afnemer krijgt een vaste prijs per maand voor een compleet pakket. Als aanbieder van diensten, zorg je ervoor dat ze blijven aansluiten op de behoeften. Doe je dit goed, dan zijn je klanten blij en zullen dit doorvertellen aan anderen.

Relevant blijven

Als aanbieder van services krijg je een stabiele inkomstenstroom, omdat je klanten periodiek abonnementskosten betalen. Als je de kwaliteit van je producten hoog houdt, gaan ze minder snel kapot dus dalen je onderhoudskosten. Aan de andere kant moet je zorgen dat je altijd relevant blijft omdat het opzeggen van een dienst zo gebeurd is. De overgang van traditionele productaanbieder naar dienstverlener vergt denkwerk. Mensen willen geen producten, maar het resultaat dat ze met dit product kunnen behalen. Als je daarop focust, dan ben en blijf je goed bezig. Je ondernemersgeest helpt je een eind op weg. Toch moet je er ook voor zorgen dat je bedrijfsprocessen op orde zijn.

Marketing en verkoop

Daarnaast moet je energie stoppen in de marketing en verkoop van je diensten. Wist je dat een aankoopbeslissing al voor 70% is genomen voordat iemand contact met je opneemt? Die beslissingen komen vaak tot stand na een informatieverzameling op internet. En volgens mediabedrijf Zenith is in 2017 naar verwachting 75% van  het internetverkeer afkomstig van mobiele apparaten. Zorg er daarom voor dat je website goed vindbaar en ook goed leesbaar is op mobiel anders ben je minder goed vindbaar in Google. Daarnaast is het verstandig om je website regelmatig te voorzien van nieuwe informatie en is het zaak ook op sociale media actief te zijn. Dit zijn namelijk kanalen waar mensen zoeken naar een product of dienst.

IT ondersteuning

Aan IT ondersteuning en andere zaken die niet direct bijdragen aan je business, wil je zo min mogelijk werk hebben. Je IT kan je daarom beter als dienst afnemen, zodat jij in dienst kan staan van je klanten. Ga over op cloudsoftware en dan het beste op een geïntegreerde oplossing. Hiermee maak je je processen echt efficiënt doordat je gegevens eenmalig invoert die vervolgens beschikbaar zijn in alle deeloplossingen. Je bespaart tijd en je voorkomt fouten omdat je online samen kan werken aan documenten. Daardoor is er maar 1 versie in omloop die bovendien voor alle belanghebbenden beschikbaar is. 

 

Eindejaarstips 2016

Tips voor de ondernemer met een BV

Pensioen in eigen beheer afkopen of niet?
Het kabinet heeft op Prinsjesdag, naast het Belastingplan 2017, een belangrijk wetsvoorstel ingediend dat een einde maakt aan de pensioenopbouw in eigen beheer (zie ons vorige Beerbericht). Het ‘wetsvoorstel tot uitfasering van het pensioen in eigen beheer’ biedt dga’s de mogelijkheid om hun pensioen in eigen beheer (= PEB) in 2017, 2018 of 2019 tegen de fiscale waarde af te kopen, met een aantrekkelijke korting, óf om dat pensioen om te zetten in een oudedagsverplichting. De dga kan er ook voor kiezen om zijn PEB-aanspraken te handhaven, maar dan is een verdere opbouw van pensioen in eigen beheer vanaf 1 januari 2017 niet meer mogelijk. Staatssecretaris Wiebes van Financiën heeft recent erkend dat de termijn voor het nemen van een verantwoorde beslissing over het PEB erg kort is. Hij geeft de directeur-grootaandeelhouder een extra periode van drie maanden, tot 1 april 2017, om de stappen te zetten die nodig zijn. Zoals de verdere opbouw van het PEB stop zetten, de pensioenbrief aan passen, een eventueel extern opgebouwd PEB terug halen, dan wel een extern opgebouwd pensioen afzonderlijk voortzetten.

Maak nu nog gebruik van de innovatiebox
Innoverende ondernemers dienen dit jaar nog na te gaan of ze voldoen aan de nu nog soepele regels voor de innovatiebox. Alle winsten die namelijk voortkomen vanuit die innovatie worden belast tegen een verlaagd vennootschapsbelastingtarief van 5%. De regels voor de innovatiebox worden in 2017 strenger. Er komt een onderscheid tussen ‘kleine’ en ‘grote’ belastingplichtigen. Voor kleinere ondernemingen blijft een S&O-verklaring voldoende. Grote ondernemingen (meer dan 50 miljoen omzet per jaar en meer dan 7,5 miljoen voordeel uit innovatie) moeten naast de S&O verklaring beschikken over een van de onderstaande zaken:

  • een octrooi;
  • een kwekersrecht;
  • programmatuur;
  • een vergunning om geneesmiddelen op te markt te brengen;
  • een geregistreerd gebruiksmodel ter bescherming van innovatie;
  • een aanvullend beschermingscertificaat.

Bekijk of u uw winst kunt beïnvloeden
Indien u een BV heeft, bepaalt de hoogte van uw winst welk tarief voor de vennootschapsbelasting geldt:

  • Voor winsten tot € 200.000 geldt het mkb-tarief van 20%;
  • Voor winsten boven € 200.000 geldt een tarief van 25%.

Bekijk of er mogelijkheden zijn om de winst van uw BV uit te stellen.
De eerste tariefschijf van de vennootschapsbelasting van 20% wordt namelijk in 2018 verlengd van € 200.000 naar € 250.000, in 2020 van € 250.000 naar € 300.000 en in 2021 van € 300.000 naar € 350.000. Hierdoor valt straks een groter deel van de winst in het tarief van 20%.

Winst uitstellen door voorziening
Gezien de verlenging van de eerste schijf van de vennootschapsbelasting kan het aantrekkelijk zijn om uw winst uit te stellen door het vormen van een voorziening. Hiervoor moet u aantonen dat de toekomstige uitgaven hun oorsprong vinden in feiten en omstandigheden die zich hebben voorgedaan voor de balansdatum en dat een redelijke mate van zekerheid bestaat dat de uitgaven in de toekomst worden gedaan. Verder geldt dat de toekomstige uitgaven ook moeten kunnen worden toegerekend aan de periode voorafgaande aan de balansdatum. U kunt een voorziening vormen voor bijvoorbeeld een reorganisatie, onderhoud, saneringskosten, het verlenen van garantie op producten of jubileumuitgaven voor het personeel. Ga na of dit haalbaar is binnen uw BV.

Minimumloon voor startende innovatieve dga
U mag als dga vanaf 1 januari 2017 afwijken van het gebruikelijk loon indien u kwalificeert als startende innovatieve ondernemer. Tijdens de eerste drie jaar na de start mag u uw loon verlagen tot het minimumloon.

Meld lening BV voor eigen woning in de aangifte
Indien u een eigenwoninglening bij uw eigen BV heeft waarop u voor de eigenwoningrenteaftrek verplicht moet aflossen, dan moet u de gegevens over deze lening doorgeven aan de Belastingdienst. U dient de informatie te verstrekken in de inkomstenbelasting en daarin ook de renteaftrek te claimen

SBR komt er nu toch echt aan

Al enige jaren wordt gesproken over de invoering van SBR. SBR staat voor ‘Standard Business Reporting’. Met SBR worden de benodigde gegevens volgens voorgeschreven standaarden gerubriceerd en wordt overgestapt van papieren naar digitale rapportages.

Vanaf 1 januari 2017 zal worden gestart met een gefaseerde invoering ervan. Vooralsnog blijft de invoering beperkt tot deponering van de publicatiestukken bij de Kamer van Koophandel (door rechtspersonen) en het indienen van kredietrapportages (en financieringsaanvragen) bij banken.

Deponering bij Kamer van Koophandel
De digitale deponering bij de Kamer van Koophandel zal waarschijnlijk de grootste impact hebben in ondernemend Nederland. Tot op heden werd immers het overgrote deel van de publicatiestukken op papier gedeponeerd.

Het elektronisch deponeren zal gefaseerd worden ingevoerd. Bepalend hierbij is grootte-kwalificatie van de rechtspersoon, waarbij twee van de drie criteria van toepassing moeten zijn:

  • Micro/kleine ondernemingen (omzet < 12 mln; werknemers < 50, balanstotaal < 6 mln), vanaf boekjaar 2016;
  • middelgrote ondernemingen (omzet > 12 mln; werknemers > 50, balanstotaal > 6 mln), vanaf boekjaar 2017;
  • grote ondernemingen (omzet > 40 mln; werknemers > 250, balanstotaal > 20 mln), vanaf boekjaar 2019.

Wij zijn op dit moment volop bezig met implementatie hiervan binnen ons kantoor, zodat wij u volgend jaar van dienst kunnen zijn.

Kredietrapportages
Momenteel worden kredietrapportages feitelijk alleen in de vorm van een papieren jaarrekening aangeleverd. Zoals gezegd gaat dit met ingang van 1 januari 2017 veranderen. Ten behoeve van de jaarlijkse revisie (een check die de bank uitvoert om te zien of de financiering nog past bij de bedrijfsvoering) dient dan de kredietrapportage digitaal te worden aangeleverd middels SBR. Deze kredietrapportage heeft als uitgangspunt de uitgebrachte jaarrekening. Er zullen dus zodanige koppelingen moeten komen dat een jaarrekening correct kan worden omgezet naar een standaard rapportage. Aangezien de SBR kredietrapportage gebaseerd is op de zogeheten bankentaxonomie, zult u daarnaast meer specifieke gegevens moeten aanleveren. Het gaat hier om specifieke gegevens die de bank hanteert voor een risico-inschatting, maar die niet zonder meer uit de jaarrekening voortvloeien. Hierbij moet u denken aan betalingstermijnen van debiteuren en crediteuren, maar bijvoorbeeld ook de WOZ-waarde of vloeroppervlakte van een winkel.

Onze rol als adviseur bij het opstellen van kredietrapportages is belangrijk. De bank zal er groot belang aan hechten dat een accountant de kredietrapportage ondertekent. Het feit dat wij ons moeten houden aan de wet- en regelgeving geeft vertrouwen aan banken. Bovendien hebben wij de kennis in huis om de jaarrekening correct in SBR-vorm aan te leveren.